Rides

Deze JDM-klassiekers mogen dit jaar eindelijk naar Amerika

· 5 min leestijd

Op 1 januari 2001 reed de eerste Nissan Skyline R34 GT-R van de band. Vijfentwintig jaar later, in 2026, mag diezelfde auto voor het eerst legaal de Verenigde Staten in. Niet via een achterpoortje of een gok bij de douane, maar via een wet die letterlijk op de kalender wacht: de Amerikaanse 25-jaarsregel. Elke maand van dit jaar komt er een nieuwe bouwmaand uit 2001 vrij, en de JDM-wereld houdt collectief de adem in.

Waarom precies dit jaar het kantelpunt is

De regel komt uit de Imported Vehicle Safety Compliance Act, ingevoerd in 1988 na een golf van grijze-markt-importen in de jaren tachtig. Auto's die niet aan de Amerikaanse veiligheids- en emissienormen voldoen, mogen het land toch in zodra ze 25 jaar oud zijn, gerekend vanaf de exacte bouwmaand op het typeplaatje. Een Skyline die in maart 2001 van de band liep, wordt dus pas in maart 2026 legaal, en een exemplaar uit december 2001 moet nog tot december wachten. Elke maand schuift er een nieuwe lichting door, en omdat 2001 een uitzonderlijk sterk jaar was voor Japanse prestatieauto's, komt er nu een van de rijkste jaargangen ooit vrij.

De Nissan Skyline R34 GT-R trekt alle aandacht

Geen auto krijgt zoveel aandacht als de R34 GT-R. In Japan gaan schone V-Spec-exemplaren al voor acht tot vijftien miljoen yen over de toonbank, omgerekend grofweg 55.000 tot 105.000 euro. Amerikaanse handelaren verwachten dat importprijzen daar al snel tussen de 80.000 en 150.000 dollar uitkomen, met zeldzame varianten als de Z-Tune en de M-Spec Nür die ver boven de 200.000 dollar landen. Dat is extra opvallend omdat Japan zijn eigen auto-icoon vaak koestert terwijl de rest van de wereld hem negeert, precies het omgekeerde patroon dat we eerder zagen bij de Honda Prelude, die in Amerika floppte maar in Japan een cultstatus kreeg.

Honda S2000 en Mitsubishi Evo VII volgen vlak achter de Skyline

De Skyline krijgt de meeste krantenkoppen, maar 2001 bracht een hele reeks andere JDM-helden die nu hetzelfde traject volgen. De Honda S2000 AP1, met zijn motor die tot 9000 toeren doordraait en zijn perfecte 50/50-gewichtsverdeling, groeit stilaan uit tot een eigen categorie binnen de youngtimer-markt. De Mitsubishi Lancer Evolution VII en de Subaru Impreza WRX STI uit datzelfde bouwjaar spreken de rally-fans net zo aan, al is die laatste groep allang gewend aan de hype rond de STI dankzij recentere speciale uitvoeringen zoals Subaru's nieuwste WRX-special. Ook de Mazda RX-7 Spirit R, de laatste en meest gewilde FD-uitvoering met zijn twin-turbo rotormotor, hoort bij deze lichting die nu stap voor stap vrijkomt.

Niet elke auto uit 2001 is automatisch vrij

Hier gaat het vaak mis in de hype. De 25-jaarsregel werkt per individueel voertuig, niet per model. De Amerikaanse douane kijkt naar de bouwdatum op het typeplaatje van die ene specifieke auto, niet naar het modeljaar dat op papier staat. Een R34 die in de catalogus als "2001" geldt maar pas in januari 2002 van de band liep, moet dus nog tot begin 2027 wachten. Kopers die nu haastig een auto importeren zonder die datum eerst te laten controleren, lopen het risico dat de auto bij aankomst alsnog wordt vastgehouden. Een erkende customs broker of een gespecialiseerde importeur checkt dat vooraf, en dat is precies waarom ervaren verzamelaars nooit op goed geluk een container boeken.

Wat importeren je werkelijk kost

De aankoopprijs van de auto is nog maar het begin. Reken op 1500 tot 3000 dollar aan scheepsvervoer, een federale invoerheffing van 2,5 procent over de aangegeven waarde, en nog eens 5000 tot 8000 dollar aan onvermijdelijke bijkomende kosten voordat de auto daadwerkelijk op straat mag. Sommige import-gidsen komen zelfs op 30 tot 50 procent boven op de aanschafprijs uit als je alles optelt. In Californië komt daar nog een BAR-keuring en een smogcertificaat bovenop, want een groen licht van de federale overheid betekent niet automatisch dat elke staat de auto ook toelaat. Dat verschil tussen federaal en lokaal verrast elk jaar weer kopers die denken dat 25 jaar wachten het enige obstakel was. Overigens geldt dezelfde terughoudendheid voor zeldzame modellen die uiteindelijk helemaal uit de markt verdwijnen, zoals we recent beschreven bij een aantal sportauto's die dit jaar hun laatste ronde rijden.

Wat dit betekent voor de prijzen in Europa

Nederlandse verzamelaars hebben met de Amerikaanse 25-jaarsregel zelf niets te maken, hier gelden eigen regels voor individuele toelating via de RDW. Toch is het effect op de markt voelbaar. Zodra een nieuwe lichting Amerikaanse kopers zich op dezelfde beperkte voorraad schone exemplaren stort, trekt dat de wereldwijde prijzen mee omhoog, ook die van de exemplaren die al jaren op een Nederlands kenteken rondrijden. Wie nu overweegt een R34, een S2000 of een Evo VII te kopen, betaalt in de praktijk de 2026-koers, niet de prijs van vorig jaar. Wachten wordt duurder, niet goedkoper, en dat maakt dit precies het moment om de knoop door te hakken als je al jaren naar een van deze auto's kijkt.

J
Geschreven door Jorn Pieters Rides & gear redacteur

Jorn is ex-automonteur die na vijftien jaar garagewerk zijn schroefsleutel verruilde voor een toetsenbord, maar zijn handen zijn nooit helemaal schoon geworden. Hij schrijft over auto's, motoren en gadgets met de kennis van iemand die weet hoe dingen echt werken onder de motorkap, en niet alleen hoe ze eruitzien op Instagram. Zijn vriendin vindt het verdacht dat hij altijd olie aan zijn handen heeft, zelfs als hij zogenaamd de hele dag heeft zitten typen. In het weekend vind je hem op oldtimerbeurzen of in zijn eigen garage, waar hij een Volkswagen Kever uit 1972 langzaam weer tot leven probeert te wekken. Hij gelooft heilig dat elke man minstens één keer in zijn leven zelf een band moet verwisselen, al was het maar voor het gevoel.