Gear

Vijftig jaar later is de Wharfedale Denton weer terug

· 6 min leestijd

In 1974 bracht Wharfedale de Denton 1 uit: een compacte boekenplank-speaker met een gevormd wit kunststof kastje en een coaxiaal driver die het geluid van één enkel punt liet komen. Een eigenzinnig idee voor die tijd, mede ontwikkeld door Raymond Cooke - de man die later KEF zou oprichten. Die originele Denton verdween, Cooke vertrok, en het model raakte in de vergetelheid.

Nu, vijf decennia later, gooit Wharfedale de kaarten opnieuw op tafel. De Denton 1S is er, en het Britse merk beweert dat dit precies is hoe de originele Denton 1 had moeten klinken.

Waarom coaxiaal zo slim is

Een gewone luidspreker heeft twee aparte drivers: een woofer voor de lage tonen en een tweeter voor de hoge. Beide zitten naast elkaar, en hoewel dat prima werkt, zitten ze nooit op precies hetzelfde punt in de ruimte. Dat betekent dat hoge en lage tonen je oren bereiken met een fractie tijdsverschil.

Bij een coaxiaal ontwerp zit de tweeter midden in de woofer, zodat beide tonen vanuit één punt komen. Strakker, coherenter, en bij goed uitgewerkte ontwerpen hoor je dat direct: het geluid lijkt meer "op één plek" te zitten in plaats van vaag verspreid te zijn.

Wharfedale gebruikt in de Denton 1S een 6,5-inch polypropeen mid/bass driver met een 25mm zijden dome tweeter daarboven. De kruisfrequentie ligt op 2,6 kHz met Linkwitz-Riley 4th order slopes - dat is degelijk vakmanschap, geen oppervlakkige bodemplaat zoals je bij budget-speakers treft.

Wat de Denton 1S zo anders maakt dan andere speakers in zijn klasse

Voor £649 per paar (zo'n 760 euro of 999 dollar) ben je niet goedkoop bezig, maar je zit ook niet in het segment waar mensen hun geld neerleggen bij Focal, KEF of Dynaudio. De Denton 1S probeert iets te zijn dat weinig speakers lukt: een compacte speaker die klinkt alsof hij groter is.

Wharfedale geeft aan dat de bas reikt tot 45 Hz (-6dB), wat voor dit formaat behoorlijk diep is. De gevoeligheid van 88dB bij 8 ohm betekent dat vrijwel elke fatsoenlijke versterker de Denton 1S moeiteloos aanstuwt - geen exotisch apparatuur vereist.

En dan is er de "Brilliance"-schakelaar op de achterkant. Zet je de speakers dicht bij een muur, dan heb je meer reflectie in het hogere middenbereik. Met de schakelaar verhoog je de output tussen 2 en 4 kHz met 1,5 dB, zodat de balans herstelt. Slimme oplossing voor mensen die niet de ruimte hebben voor een perfect gepositioneerde opstelling.

Als je geïnteresseerd bent in hoe een DAC-versterker dit soort speakers tot leven kan brengen, lees ook ons artikel over de Schiit Vestri - een draagbare DAC die bewijst dat audiofiele kwaliteit geen vermogen hoeft te kosten.

Het design: retro zonder kitsch

De Denton 1S heeft afgeronde hoeken en een mat afwerking in drie uitvoeringen: wit, zwart en blauw. Dat wit verwijst direct naar het origineel uit 1974, maar het resultaat ziet er eerder schoon en modern uit dan nostalgisch. Geen laaghangend retro-fruit.

Het kastje heeft een volume van 11,5 liter - compact genoeg voor een boekenplank, maar groot genoeg om de driver zijn werk te laten doen. De bassreflex-poort zit aan de achterkant, wat betekent dat je met enige ruimte achter de speakers betere basresultaten haalt. Wharfedale levert de speakers met een ronde houten standaard zodat ze stabiel staan zonder te schuiven. Klein detail, maar fijn meegenomen.

Voor wie is de Denton 1S?

De Denton 1S is niet voor mensen die muziek als achtergrondgebaar willen. Dit is een speaker voor de man die 's avonds een glas whisky inschenkt, het juiste album opzet, en echt luistert. Voor mensen die weten wat een platenspeler is en er ook eentje hebben staan. Voor wie liever één goed product koopt dan vijf middelmatige.

Als je overweegt een platenspeler te combineren met een setje goede boekenplank-speakers, is dit precies het type kwaliteit dat je daarvoor wilt. We schreven eerder over drie platenspelers die bewijzen dat vinyl geen dure hobby hoeft te zijn - de Denton 1S is de logische volgende stap in die richting.

Wharfedale positioneert de Denton 1S als een speaker voor een serieuze installatie onder de 2.500 euro. Combineer ze met een compacte streaming-versterker, een DAC of een ouderwetse geïntegreerde versterker - en de Denton 1S past overal in mee zonder je te dwingen tot extra investeringen.

Waarom 649 pond ineens redelijk lijkt

Er zijn goedkopere coaxiaal-speakers op de markt - Q Acoustics Concept 20 en Tannoy Revolution XT 6F zijn twee namen die regelmatig opduiken. Maar de combinatie van design, technische uitwerking en het verhaal achter de Denton 1S zet hem apart.

Wharfedale bestaat al sinds 1932, opgericht in Yorkshire. Ze weten wat ze doen. En met de Denton 1S doen ze voor het eerst in decennia iets dat echt opvalt - niet vanwege hype, maar vanwege inhoud. De coaxiaal driver, de "Brilliance"-schakelaar, de afgewerkte behuizing: het zijn geen losse toevoegingen maar een samenhangende keuze.

Of je hem nu koppelt aan een moderne streaming-versterker of een oudere Naim-integrator: de Denton 1S past in een moderne woonkamer zonder te schreeuwen om aandacht. En dat, voor een luidspreker, is misschien wel het grootste compliment dat je kunt geven.

De Denton 1S is nu beschikbaar bij geselecteerde Wharfedale-dealers en wordt eind mei 2026 geleverd. Prijs: £649 per paar, zo'n 760 euro in Europa. Wil je weten hoe hij klinkt vergeleken met de concurrentie? Lees ook wat wij vonden van de Sonos Ace - een ander audioproduct met hoge verwachtingen dat die niet helemaal waarmaakt.

J
Geschreven door Jorn Pieters Rides & gear redacteur

Jorn is ex-automonteur die na vijftien jaar garagewerk zijn schroefsleutel verruilde voor een toetsenbord, maar zijn handen zijn nooit helemaal schoon geworden. Hij schrijft over auto's, motoren en gadgets met de kennis van iemand die weet hoe dingen echt werken onder de motorkap, en niet alleen hoe ze eruitzien op Instagram. Zijn vriendin vindt het verdacht dat hij altijd olie aan zijn handen heeft, zelfs als hij zogenaamd de hele dag heeft zitten typen. In het weekend vind je hem op oldtimerbeurzen of in zijn eigen garage, waar hij een Volkswagen Kever uit 1972 langzaam weer tot leven probeert te wekken. Hij gelooft heilig dat elke man minstens één keer in zijn leven zelf een band moet verwisselen, al was het maar voor het gevoel.